Een machinebouwer krijgt bericht van de klant: het project gaat verder onder een nieuw ordernummer. Voor de projectleider is het een administratief detail. Voor engineering betekent het 140 onderdelen, 30 subsamenstellingen en een map vol tekeningen waarin het oude nummer in de iProperties staat, en dus op elk titelblok verschijnt.
Wie dat per bestand gaat rechtzetten is dagen bezig: openen, veld wijzigen, opslaan, sluiten, en dat honderdveertig keer zonder er één over te slaan. Dit is precies de situatie waarin je iProperties in bulk wilt bewerken over een hele samenstelling: één handeling die hetzelfde veld in alle betrokken bestanden tegelijk bijwerkt. In dit artikel lees je welke velden zich daarvoor lenen, hoe je bepaalt welke bestanden meedoen en hoe je achteraf controleert dat alles goed terechtkwam. Voor de handeling zelf kijken we naar het Assembly iProp Menu uit Thundercad, maar de denkstappen gelden voor elke aanpak.
Eén afbakening vooraf: dit stuk gaat over de bulk-handeling. Welke velden je überhaupt inricht, hoe je ze noemt en wie ze vult, behandelden we eerder in iProperties beheren in Inventor zonder chaos.
Waarom bestand voor bestand geen optie is
Reken eerst het handwerk door, met aannames die je op je eigen situatie mag aanpassen. Een bestand openen, het veld aanpassen, opslaan en sluiten kost met laadtijd al gauw een minuut. Bij 140 bestanden is dat ruim twee uur onafgebroken, geestdodend klikwerk. En dat voor één veldwijziging; komt er volgende week een tweede correctie achteraan, dan begint het opnieuw.
Het echte probleem is alleen niet de tijd, maar de dekking. Handwerk over zoveel bestanden mist er altijd een paar: de onderdelen in die ene subsamenstelling, het bestand dat net uitgecheckt was, de tekening die niemand meer op de radar had. Het resultaat is sluipend: op de helft van de titelblokken staat het nieuwe nummer, op de rest het oude, en dat valt pas op als het pakket bij de werkvloer of de klant ligt. Eén handeling met één resultaat is niet alleen sneller, maar vooral controleerbaarder.
Welke velden zich lenen voor bulk, en welke niet
De vuistregel: alles wat het project beschrijft mag in bulk, alles wat het onderdeel beschrijft niet. Een projectnummer hoort in elk bestand van de samenstelling hetzelfde te zijn; een omschrijving juist niet.
| Veld | Bulk? | Waarom |
|---|---|---|
| Projectnummer, ordernummer | Ja | Zelfde waarde voor alle bestanden van het project |
| Klantveld | Ja | Projectbreed gelijk |
| Gecontroleerd door, goedgekeurd door | Ja | Na een controleronde vul je de hele set in één keer |
| Status | Met beleid | Alleen als de complete selectie werkelijk dezelfde status krijgt |
| Omschrijving, artikelnummer | Nee | Per bestand uniek; bulk maakt hier juist alles kapot |
| Materiaal, gewicht | Nee | Fysieke eigenschappen horen bij het onderdeel zelf |
Twijfel je bij een veld, stel dan de controlevraag: zou deze waarde ook kloppen als het onderdeel morgen in een ander project wordt hergebruikt? Zo nee, dan is het een projectveld en mag het in bulk, maar alleen binnen de juiste selectie. Hoe je zo'n projectnummer vervolgens overal identiek houdt, van mapnaam tot titelblok, lees je in Project- en ordernummers overal hetzelfde, van map tot titelblok.
Bepaal welke bestanden meedoen
De lastigste beslissing zit niet in het veld, maar in de selectie. Een hoofdsamenstelling sleept van alles mee dat niet van jouw project is, en juist daar gaat bulk-bewerken mis. Loop de structuur langs deze lijnen na:
- Eigen maakdelen van het project: doen mee. Dit is de groep waarvoor je de handeling uitvoert.
- Hergebruikte onderdelen die ook in andere machines zitten: uitsluiten. Schrijf je hier een projectnummer in, dan duikt dat morgen op het titelblok van een ander project op.
- Normdelen en bibliotheekonderdelen: overslaan. Die staan als het goed is schrijfbeveiligd, en dat is precies waarvoor die beveiliging bestaat.
- Bestanden die een collega in Vault heeft uitgecheckt: eerst afstemmen. Een bulk-bewerking heeft schrijfrechten nodig; wat op slot staat, blijft anders stilletjes achter met de oude waarde.
Hier betaalt een nette projectstructuur zich uit: wie maakdelen, koopdelen en normdelen gescheiden houdt in mappen of met een bibliotheekstatus, bepaalt de selectie in seconden in plaats van onderdeel voor onderdeel te wikken.
Honderdveertig bestanden openen om overal hetzelfde veld te wijzigen is geen engineering, het is strafwerk. Met het Assembly iProp Menu van Thundercad werk je dat veld in de hele samenstelling in één handeling bij.
Probeer 30 dagen gratisDe bulk-bewerking zelf
Met het Assembly iProp Menu pas je de iProperties van een complete samenstelling in bulk aan, rechtstreeks vanuit de geopende hoofdsamenstelling. De werkwijze is telkens dezelfde, welk veld je ook bijwerkt:
- Open de hoofdsamenstelling van het project en controleer dat je de laatste stand uit Vault of van het netwerk hebt.
- Kies het veld en de nieuwe waarde, en houd het bij één veld per ronde: dat maakt de controle achteraf eenduidig.
- Bepaal de selectie volgens de lijnen hierboven: projectdelen wel, hergebruik en bibliotheek niet.
- Voer de bewerking uit en bewaar de bestanden.
De tekeningen hoef je daarna niet stuk voor stuk aan te raken: een titelblok dat aan de iProperties gekoppeld is, toont de nieuwe waarde zodra de tekening wordt geopend of bijgewerkt. Werk je met Vault, check de gewijzigde set dan in één keer in, met één commentaarregel die de wijziging beschrijft. Zo kan iedereen later herleiden wanneer en waarom het veld veranderde.
Controleer dat alles goed terechtkwam
Een bulk-handeling verdient een bulk-controle. Per bestand nakijken zou het tijdsvoordeel weer tenietdoen; controleer daarom op dezelfde schaal als waarop je bewerkte:
- Zet een kolom met het veld in de stuklijstweergave van de hoofdsamenstelling en sorteer erop. Afwijkers klonteren bovenaan of onderaan samen en vallen direct op.
- Doe een gerichte steekproef op tekeningen: één titelblok bovenin de structuur, één van een onderdeel diep in een subsamenstelling. Kloppen die twee uitersten, dan klopt vrijwel zeker de rest.
- Loop de uitvallers na. Bestanden die niet meededen omdat ze uitgecheckt of schrijfbeveiligd waren, werk je alsnog bij of noteer je expliciet als bewuste uitzondering.
Veelgestelde vragen
Werkt de wijziging automatisch door in de tekeningen?
Ja, zolang het titelblok de waarde uit de iProperties haalt in plaats van uit los ingetypte tekst. Bij het openen of bijwerken van de tekening verschijnt de nieuwe waarde vanzelf. Staat er ergens toch een oude waarde, dan is dat vrijwel altijd een handmatig overschreven veld in het titelblok.
Wat doe ik met onderdelen die in meerdere projecten zitten?
Die houd je buiten de selectie. Projectgebonden informatie hoort niet in een hergebruikt onderdeel, maar in de samenstelling en de tekening van het project zelf. Schrijf je toch een projectnummer in een gedeeld onderdeel, dan verschijnt dat nummer ook in elk ander project waar het onderdeel in hangt.
Kan dit ook zonder extra gereedschap?
Voor een handvol bestanden is handmatig bijwerken prima te doen, zeker met de stuklijstweergave als controle. Zodra het om tientallen of honderden bestanden gaat, weegt het risico op gemiste bestanden zwaarder dan de moeite van gereedschap installeren: probeer het Assembly iProp Menu 30 dagen gratis en vergelijk het met je laatste handmatige ronde.