Acht klikken. Taakbalk, verkenner, schijfletter, projectenmap, klantmap, ordermap, submap constructie, en dan nog even sorteren op datum omdat de DXF'jes onderaan staan. Zo veel handelingen kost het om één bestand te pakken dat hoort bij het onderdeel dat al open op je scherm staat.
Eén keer is dat niets. Maar wie zijn eigen dag eerlijk turft, komt op tientallen van die ritjes: even de STEP van de leverancier erbij, even controleren of de PDF goed is weggeschreven, even een foto uit de ordermap halen. In dit artikel maken we van snel navigeren tussen je CAD-mappen een reflex met twee gewoontes: direct springen naar de map van het actieve bestand en vaste favorieten voor de mappen waar je elke dag komt. Inclusief de rekensom die laat zien wat dat scheelt, en de plek waar een toolbox als Thundercad beide gewoontes onder één knop zet.
Waar die verkennerminuten in gaan zitten
Het zoeken zit zelden in één grote zoekactie en bijna altijd in kleine, terugkerende ritjes. Herkenbare voorbeelden uit een gemiddelde tekenkamer:
- de map van het geopende onderdeel opzoeken om er een leveranciers-STEP of datasheet naast te zetten;
- controleren of een export echt is weggeschreven, en of de oude versie weg is;
- een DXF naar de mail aan de lasersnijder slepen;
- de fotomap van het project openen omdat de monteur iets vraagt;
- terug naar de sjabloonmap, de bibliotheek of de map van de vorige order om iets op te zoeken.
Elk ritje kost geen uren maar wel seconden tot een minuut, plus iets wat lastiger meetbaar is: je aandacht. Wie voor de vijfde keer door dezelfde boom klikt, is zijn gedachte over die lastige passing even kwijt. Vooral op projectschijven met diepe structuren, waar de map van een onderdeel zes niveaus diep zit, telt dat stevig op.
Gewoonte 1: spring naar de map van het actieve bestand
De eerste gewoonte: nooit meer vanaf de schijfletter naar beneden klikken naar een bestand dat je al open hebt staan. Inventor weet immers precies waar het actieve document staat; je wilt alleen een knop die de verkenner op die plek opent.
Dat is wat Go To Folder doet: één klik in Inventor en de verkenner springt naar de map van je actieve onderdeel, samenstelling of tekening. Vanaf daar is alles dichtbij: de export die je net maakte, het koopdeel dat erbij hoort, de documentatie van de leverancier. Het verschil met handmatig doorklikken is per keer misschien een halve minuut, maar het echte verschil is dat je hoofd bij het werk blijft in plaats van bij de mappenboom.
Een paar momenten waarop die sprong zich elke dag terugverdient: een zip van de ordermap maken voor een leverancier, de bestandsnaam kopiëren voor in een mail of ERP-melding, of even zien of de nieuwste DXF er echt staat voordat je de werkplaats laat weten dat het pakket klaar is. Allemaal handelingen van een halve minuut, mits je niet eerst door de boom hoeft te klimmen.
Gewoonte 2: favorieten voor de mappen waar je elke dag komt
Naast de map van het actieve bestand heeft iedere engineer een handvol vaste adressen: de map van het lopende project, de exportmap, de sjablonen, de map met normbladen, de scanmap van de werkplaats. Vijf tot tien locaties, samen goed voor het merendeel van alle verkennerritjes.
Zet die vaste adressen in Frequent Folder, de favorietenlijst van Thundercad: elke veelgebruikte map open je voortaan met één klik vanuit Inventor, zonder eerst de verkenner op te zoeken. Wissel je van project, dan wissel je de favorieten mee; dat bijhouden kost seconden en betaalt zich dezelfde dag terug.
Go To Folder en Frequent Folder zitten allebei in Thundercad, naast de export- en sessietools. Installeren en dezelfde ochtend nog merken dat de verkenner nauwelijks meer nodig is.
Probeer 30 dagen gratisDe rekensom: seconden die een dagdeel worden
Reken het voor je eigen situatie na, met aannames die je zelf kunt bijstellen. Stel: een engineer maakt 25 verkennerritjes per dag. Via de mappenboom kost een ritje gemiddeld 40 seconden: verkenner erbij pakken, doorklikken, soms even zoeken omdat de order net iets anders heet dan je dacht. Met een directe sprong of een favoriet kost hetzelfde ritje een seconde of vijf.
Het verschil is 35 seconden per ritje, bijna een kwartier per dag, ruim een uur per week per engineer. Voor een team van vijf is dat wekelijks meer dan een halve werkdag die nu in de verkenner verdampt. En dat is alleen de meetbare tijd: de afgebroken gedachten en de kleine irritaties tellen niet eens mee. Wil je weten waar bij jullie nog meer van dit soort verborgen minuten zitten, dan is dezelfde turfoefening voor exporteren en overtypen een logische volgende stap.
Snel springen werkt pas echt met een voorspelbare structuur
Twee kanttekeningen. Snel navigeren lost geen rommel op: wie exports kriskras door projectmappen laat slingeren, springt straks alleen sneller naar de verkeerde plek. De basis is een mappenstructuur die zichzelf uitlegt. Een handzame toets: kan een nieuwe collega een willekeurig bestand binnen drie klikken vanaf de projectmap vinden? Zo niet, dan is de structuur te diep of te onduidelijk. Hoe je die opzet, van werkmap tot bibliotheken en projectbestand, beschreven we in orde in je Inventor-projectmappen; en voor alles wat de deur uit gaat is er een exportmap-structuur die iedereen snapt.
Staat die basis, dan versterken structuur en snelheid elkaar: de sprong brengt je altijd op een plek waar de dingen liggen waar je ze verwacht. Dan pas voelt navigeren zoals het hoort te voelen: als niets.
Veelgestelde vragen
Hoeveel mappen horen er in zo'n favorietenlijst?
Houd het bij de mappen die je dagelijks of wekelijks opent; in de praktijk zijn dat er vijf tot tien. Alles daarboven maakt de lijst zelf weer een zoekplaatje. Wissel favorieten per project en ruim op wat je een maand niet hebt aangeklikt.
Wat als hetzelfde bestand op meerdere plekken lijkt te staan?
Dan is niet de navigatie het probleem, maar de structuur of het versiebeheer. Spring naar de map van het actieve bestand, dan weet je in elk geval zeker welke versie Inventor gebruikt, en pak daarna de dubbele opslag bij de bron aan.
Werkt dit ook met een documentbeheersysteem als Vault?
Ja. Ook naast Vault werk je lokaal in een werkmap, en juist daar wil je snel kunnen schakelen; bovendien blijft de verkenner nodig voor alles wat geen CAD is, van datasheets tot foto's. Ervaar het in je eigen omgeving: probeer Thundercad 30 dagen gratis en tel na een week hoe vaak je de mappenboom nog nodig had.